Sociale Zekerheid in het kort

Wat?

De Belgische sociale zekerheid is gebaseerd op solidariteit tussen:

  • werkenden en werklozen;
  • jongeren en ouderen;
  • gezonden en zieken;
  • mensen met een inkomen en mensen zonder;
  • gezinnen zonder kinderen en gezinnen met kinderen;
  • enz.

Die solidariteit is gewaarborgd omdat:

  • werkende mensen bijdragen moeten betalen in verhouding tot hun loon;
  • de financiering grotendeels gebeurt door de gemeenschap, dat zijn dus alle burgers samen;
  • de vakbonden, de ziekenfondsen en de werkgeversorganisaties mee beslissen over de verschillende aspecten van het systeem.

De Belgische sociale zekerheid vervult 3 functies:

  1. Bij verlies van het arbeidsinkomen (werkloosheid, pensionering, arbeidsongeschiktheid) ontvangt u een vervangingsinkomen;
  2. Bij bepaalde 'sociale lasten' (bijkomende kosten), zoals het opvoeden van kinderen of ziektekosten, ontvangt u een aanvulling op het inkomen;
  3. Als u onvrijwillig niet over een beroepsinkomen beschikt, dan ontvangt u bijstandsuitkeringen

Het klassieke socialezekerheidssysteem bestaat uit 3 stelsels:

  • Een werknemersstelsel
    Een werknemer is iemand die met zijn werkgever is verbonden door een arbeidsovereenkomst. Bepaalde categorieën van mensen worden in de sociale zekerheid gelijkgesteld met werknemers, andere weer niet.
  • Een zelfstandigenstelsel
    Een zelfstandige is iemand die een beroepsactiviteit uitoefent zonder te zijn aangeworven met een arbeidscontract of statuut. Bepaalde categorieën van mensen worden in de sociale zekerheid gelijkgesteld met zelfstandigen, andere weer niet.
  • Een ambtenarenstelsel
    Een ambtenaar is iemand die onderworpen is aan het statuut van de openbare dienst.

De klassieke sociale zekerheid bevat 7 takken:

  1. Ouderdoms- en overlevingspensioenen;
  2. Werkloosheid;
  3. Arbeidsongevallenverzekering;
  4. Beroepsziektenverzekering;
  5. Gezinsbijslag;
  6. Ziekte- en invaliditeitsverzekering;
  7. Jaarlijkse vakantie.

Voorts bevat de sociale zekerheid zogeheten residuaire stelsels die tot de sociale bijstand (of maatschappelijke dienstverlening) behoren. Het gaat om een uitbreiding van de sociale bescherming voor personen die niet in de 7 takken van hierboven terechtkunnen. De "sociale bijstand"geeft aanleiding tot deze sociale uitkeringen:

  • leefloon (vroeger het "bestaansminimum" genoemd);
  • inkomensgarantie voor ouderen;
  • gewaarborgde gezinsbijslag;
  • uitkering aan gehandicapte personen